Aantonen van gelijkwaardigheid van brandveiligheidsconcepten   In de praktijk blijkt dat de FRAME-methode gemakkelijk toepasbaar is om alternatieve veiligheidsconcepten onderling te gaan vergelijken: het ingebouwde evenwicht van de invloedsfactoren weerspiegelt getrouw de ervaring van de beroepsmensen en de doelstellingen van de wetten en regelgevingen van de meeste landen. FRAME laat toe om het evenwicht tussen risico en bescherming van een beredeneerde oplossing te toetsen aan de doelstellingen van de voorschriften die soms te beschrijvend en daarom moeilijk uit te voeren zijn. Dit is vooral het geval voor gebouwen die afwijken van de standaardtypes en voor bestaande gebouwen die naar aanleiding van renovaties zouden moeten voldoen aan voorschriften die (nog) niet bestonden op het ogenblik dat het oorspronkleijke gebouw werd opgericht. Bij afwezigheid van een gemeenschappelijke procedure, blijft in de meeste Europese landen ( en ook daarbuiten) de toepassing van rekenmethodes voor de gelijkwaardigheid van brandbeveilingsconcepten afhankelijk van een feitelijke goedkeuring –geval per geval- door de plaatselijke overheid. Men kan de methode in specifieke situaties bijkomend valideren met een zgn. blindtest door het FRAME risico niveau te berekenen in een aantal door de overheid bepaalde standaardgevallen, en dit als aanvaardingscriterium op te leggen. Werkwijze voor het bewijzen van een gelijkwaardig veiligheidsniveau .   Om te bewijzen dat de alternatieve oplossing een gelijkwaardig veiligheidsniveau garandeert, zal meestal in meer of in mindere mate gebruik gemaakt worden van Fire Safety Engineering. De toepassing daarvan dient echter best binnen een strikt kader te gebeuren.   In de DD 240-1 Fire Safety Engineering in buildings -Guide to the Application of Fire Safety Engineering Principles of de ISO/DTR 13387-1 Fire Safety Engineering -Part 1: The application of fire performance concepts to design objectives wordt een dergelijk kader beschreven. In grote lijnen is het kader terug te brengen tot het volgende:   De kwalitatieve beoordeling van het ontwerp (met vastleggen van de doelstellingen en criteria); Een kwantitatieve berekening van het ontwerp; Nagaan of de doelstellingen bereikt worden (Zo niet, concept aanpassen en herbeginnen); Rapporteren en voorstellen van de resultaten. Kwalitatieve beoordeling van het ontwerp: De kwalitatieve beoordeling is ter voorbereiding van een kwantitatieve analyse en daartoe moeten vaak een aantal parameters vastgelegd worden (bvb. de gebruikslasten op een werkvloer, aanwezige brandbelasting, binnentemperatuur, aantal gebruikers, opkomsttijd van de brandweer, ...). Het is belangrijk dat alle relevante parameters in de aanvraag worden vastgelegd. De nodige parameters en de waarden ervan, zullen afhankelijk zijn van de methoden die nadien voor de analyse gebruikt worden. De kwalitatieve beoordeling van het ontwerp (QDR -Qualitative Design Review} omvat het volgende: de doelstellingen en criteria worden vastgelegd; het architecturale ontwerp wordt beschreven; het gebouw, de gebruikers en de omgeving worden gekarakteriseerd, de mogelijke gevaren voor brand en de gevolgen ervan worden geïdentificeerd, de relevante brandscenario's worden vastgelegd ; de brandbeveiligingsconcepten worden beschreven. Vastleggen van de doelstellingen en criteria: Het is belangrijk dat de doelstellingen en criteria in het kader van de aanvraag vooraf worden vastgelegd om nadien te kunnen verifiëren of het brandbeveiligingsconcept aan de gestelde criteria voldoet of niet.   Beschrijving van het architecturaalontwerp  Het dossier voor het verkrijgen van de bouwvergunning bevat de volgende elementen: Karakterisering van het gebouw, de gebruikers en de omgeving   Identificatie van het brandrisico: Waar zitten de risico's voor brand en wat zijn de eventuele gevolgen van een brand. De brandrisico-analyse geeft een algemeen overzicht van het gebouw rekening houdende met mogelijke ontstekingsbronnen, de aard van de activiteiten in het gebouw (bvb. lassen, bakken en braden, ...), en brandbare materialen. Met het oog op het vastleggen van de brandscenario's is het belangrijk dat deze brandrisico-analyse zo volledig mogelijk gebeurt. Brandscenario's: Aansluitend op de brandrisico-analyse dient het brandbeveiligingsconcept uit te gaan van een beperkt aantal brandscenario's die alle relevante risico's dekken. De brandscenario's kunnen rekening houden met de meest plausibele brandhaard (bvb. een smeulend brand van een matras, een stofexplosie, ...), maar ook andere brandhaarden waarvan de waarschijnlijkheid relevant is moeten ingecalculeerd worden. In deze brandscenario's kan het effect van actieve brandbeveiligingsmaatregelen ingerekend worden. Brandbeveiligingsconcept: Het geheel wordt in een brandbeveiligingsconcept gegoten waarin de verschillende componenten op elkaar worden afgestemd en waarin de werking van brandbeveiligingsystemen beschreven wordt. De rol en werking van de verschillende brandbeveiligingssystemen wordt in detail beschreven. Kwantitatieve analyse Om te bewijzen dat de alternatieve oplossing (i.e. het uiteindelijke brandbeveiligingsconcept) gelijkwaardig is met de technische specificaties van het koninklijk besluit, moet een en ander uiteraard berekend worden. Welke kwantitatieve modellen of methodes gebruikt worden speelt meestal geen rol, zolang ze maar betrouwbaar zijn en toepasselijk voor de betrokken oplossing. Zo zal een model of berekeningsmethode voor de activering van rook-detectoren waarschijnlijk geen correcte tijden geven voor de activering van sprinklerkoppen en zullen pre-flashover parameters niet langer correct zijn om de brandweerstand van structurele elementen te berekenen. Nagaan of de doelstellingen bereikt worden Eenmaal alles berekend dient men na te gaan of de vooropgestelde doelstellingen gerealiseerd worden. Zo ja, dan is de analyse beëindigd en worden de resultaten in een rapport weergegeven. Zo niet, dan moet het concept aangepast worden en dient men alles te herhalen voor het nieuwe concept. Het gaat uiteraard niet op om de doelstellingen aan te passen aan de resultaten van de kwantitatieve analyse. Rapportering en voorstelling van de resultaten De resultaten van de analyse worden weergegeven in een rapport, met vermelding van: De berekeningsmethode of het model. de parameters die ingevoerd werden toelichting van de resultaten van de berekeningsmethode of model de kwalitatieve beoordeling en de kwantitatieve analyse Deze werkwijze wordt in het bijgaande schema geïllustreerd, de FRAME methode is conform aan deze redenering. EEN VOORBEELD uit België Een Amerikaans bedrijf bouwt een nieuwe fabriek voor PVC buisfittings in België. De fabriek bestaat uit een grote hall van 2800 m² en een premixing installatie ondergebracht in een toren met meerdere niveaus. De totale oppervlakte van de platforms in de toren is 1200 m². Het gebouw heeft een stalen structuur. Volgens de letter van het ARAB art 52. is dit een gebouw met meerdere verdiepingen en een hoge brandlast, waarvoor een structurele brandweerstand van 2hr voor de toren en een 1/2 hr voor de hal is vereist. Zoals gebruikelijk in dit soort Amerikaanse ondernemingen voorzag de exploitant een sprinklerinstallatie voor het gehele gebouw, maar deze bescherming is niet vereist volgens de regelgeving. In dit geval werd de FRAME methode gebruikt om aan de overheid aan te tonen dat de bescherming met sprinklers tenminste hetzelfde veiligheidsniveau bood als de wettelijke voorschriften die gericht waren op brandweerstand om een langdurige interventie door de brandweer mogelijk te maken.   Om zeker te zijn dat de sprinkler installatie ook de structurele integriteit kon waarborgen door koeling van de structuur, werden drie bijkomende vereisten geformuleerd: 1. de werkelijke sproeidensiteit dient hoger te liggen dan de minimum vereisten 2. de watervoorziening zal voldoende zijn voor minstens 2 uur werking van de sprinklers in de toren 3. de geschatte rooktemperatuur zal beneden 500 °C blijven tot op het moment van de werking van de eerste sprinkler. Deze laatste voorwaarde werd gecheckt met het simulatiemodel FPETOOL voor een snel ontwikkelende brand (de meest ongunstige voorwaarde). Berekeningen met FRAME (versie 1) werden gebruikt om de gelijkwaardigheid van de brandveiligheid in het gesprinklerde stalen gebouw met een ongesprinklerd brandwerende constructie. Dit gaf de volgende waarden: Voor het gesprinklerd gebouw: Voor het niet gesprinklerd concept: P= 3.05 en P1 =2.57 P= 3.05 en P1 =2.57 Identiek A=1.27 en A1 = 1.07 A=1.27 en A1 = 1.07 Identiek D=3.43 en R= 0.70 D=2.24 en R= 1.07 met sprinklers beter D1=4.71 en R1= 0.51 D1=2.38 en R1= 1.01 met sprinklers beter   Dit toonde aan dat het gesprinklerd concept een hogere graad van veiligheid biedt dan vereist volgens ARAB art 52.